Boskalis jaarverslagen 2011

Milieuvriendelijk materieel

Met gerichte maatregelen zetten wij ons in voor materieel waarmee wij zo milieuvriendelijk als mogelijk kunnen opereren. Naast het onderzoek en de maatregelen om vertroebeling en CO2-emissies te beperken hebben wij samen met een aantal leveranciers nieuwe systemen en toepassingen ontwikkeld waardoor het smeermiddelen- en smeerolieverbruik op onze bagger­schepen is verminderd. Om bilge- en ballastwater op onze baggervloot te reinigen maken we gebruik van bilgewater-separatoren en ballastwaterbehandelings­systemen. Nieuwe sleepboten worden zodanig ontworpen dat er geen ballastwatertanks meer nodig zijn.
Met onze gieterijen is een schroot-managementprogramma ontwikkeld waardoor pompen, waaiers en cuttertanden gerecycled worden. In 2011 betrof dit 265.770 kilo restmateriaal.
Wij zetten ons in voor duurzaamheid in de hele keten en hechten daarom veel waarde aan een veilige en milieu­vriendelijke ontmanteling van schepen die we uit de vaart nemen. Op blz. 62 en 63 van ons Jaarverslag over 2009 kunt u daarover meer informatie vinden. In 2011 hebben wij vier van onze grote schepen duurzaam ontmanteld: de Cornelia, de Cetus, de Alpha B en de Freeway en daarnaast kleiner materieel. De Cornelia en de Freeway zijn op gespecialiseerde werven in respectievelijk Nederland en België gesloopt. De Alpha B en de Cetus zijn in India gesloopt waarbij de betreffende werf, die volledig gecertifi­ceerd is door Bureau Veritas en Germanischer Lloyd, is bezocht en na een audit akkoord is bevonden.

Beperking emissies

De Taskforce Emissies onderzoekt de mogelijkheden om de uitstoot van vervuilende stoffen terug te dringen. De Taskforce staat onder leiding van een lid van de Raad van Bestuur en kent een brede samenstelling, met specialisten en professionals uit de hele organisatie. In 2011 is een environmental officer voor de vloot aangetrokken die samen met de in 2010 aangestelde environmental officer voor de uitvoering van de werken zitting heeft in de Taskforce. De Taskforce is in 2011 vier keer bij elkaar geweest. Op de agenda stonden onder andere het gebruik van ‘scrubbers’, de inzet van schonere brandstoffen, onderzoek naar hybride motoren en ‘weather routing’ op onze schepen.

  • Schonere en zuinigere motoren: we doen onderzoek naar schonere en zuinigere motoren. Dit kunnen hybride motoren zijn zoals bijvoorbeeld de diesel-elektrisch aangedreven motoren op ons nieuwe valpijpschip en op onze hybride bulldozer.
  • Schonere brandstof: waar mogelijk gebruiken onze sleep­aboten groene walstroom gedurende hun standby-perioden en gebruiken onze baggerschepen in de zogenoemde ‘Sulphur Emission Control Areas’ zwavelarme brandstof. Op dit moment voeren we in samenwerking met Aalborg Industries een haalbaarheidstudie uit naar de inzet van een zogenaamde ‘scrubber’ die uitlaatgassen reinigt en zwaveluitstoot moet voorkomen. De eerste resultaten zijn positief, maar er is nog verder onderzoek nodig.
    Ook onderzoeken we de mogelijkheden die een schonere brandstof zoals LNG of biobrandstof ons biedt. Essentieel is de aanwezigheid van een lokale infrastructuur om dergelijke brandstoffen te kunnen bunkeren.
  • Ontwikkeling nieuw materieel en aanpassingen op bestaand materieel: ons nieuwe materieel voldoet aan de hoogste eisen op het gebied van energieverbruik. Waar mogelijk maken we ons bestaand materieel duurzamer. Onderzoek naar de aanpassing van de trim van sleephopperzuigers bij het onder­zoeksinstituut MARIN heeft interessante uitkomsten laten zien in 2011. Uitgangspunt is een minimale weerstand bij het varen zonder lading met een positief effect op het brandstof­verbruik en emissies. Het onderzoek krijgt een vervolg.
    Lamnalco is betrokken bij een onderzoek gericht op de ontwikkeling van een hybride sleepboot met LNG als brandstof.
    SMIT is bij een groot aantal onderzoeksprojecten betrokken geweest om de milieuprestaties van haar vaartuigen te verbeteren. De verschillende projecten waren voornamelijk gericht op het voortstuwingssysteem, waarbij gekeken werd naar zowel alternatieve brandstoffen als systeemconfiguraties. Dankzij de ontwikkeling van modellen om de milieueffecten en levensduurkosten te analyseren, is SMIT nu in staat om sleep­boten bij klanten in te zetten met ‘fit-for-purpose’ voortstuwings­configuraties, die voldoen aan (lokale) operationele en milieu­eisen alsmede toekomstige emissieregelgeving. Het welbekende E3-principe vormt de richtlijn bij het ontwerp van dergelijke nieuwe concepten, d.w.z. ontwerpen met een optimale balans tussen milieuprestaties, operationele efficiëntie en economische haalbaarheid.
  • Ship Energy Efficiency Management Plan (SEEMP): het SEEMP is vooral bedoeld om de bemanning bewust te maken van het energieverbruik aan boord. Samen met onze collega-baggeraars in de branche-organisatie European Dredging Association (EUDA) zijn we bezig eenduidige definities en maatregelen te definiëren voor een SEEMP per schip. In 2012 wil Boskalis beginnen met de invoer van een SEEMP op onze schepen. Een ‘weather routing’-programma zal daar onderdeel van uitmaken. Onze schepen kunnen dan steeds de optimale vaarroutes bepalen omdat het programma aanbevelingen doet om bepaalde weersituaties of zware zeegang te vermijden. Naast het feit dat het de veiligheid optimaliseert, kan het programma de reistijd en de CO2-uitstoot verminderen. In 2011 heeft Boskalis na proeven met meerdere ‘weather routing’-programma’s een contract gesloten met Meteo-consult. Het ‘weather routing’-programma is inmiddels op ruim 20 van onze grotere baggerschepen ingevoerd.

Toegevoegd aan Mijn verslag Voeg toe aan Mijn verslag Bron: CSR Verslag 2011, Onze milieuprestaties, Pagina 50